WinRAR 4.00

1. Uitpaksnelheid van RAR is verbeterd. Afhankelijk van het soort gegevens kan het uitpakken tot 30% sneller zijn dan in vorige versies.
Zowel het algemene RAR-algoritme als de meeste speciale RAR-multimediamodules hebben baat bij deze verbetering. De enige module van het RAR-algoritme dat niet betrokken is, is de module “Tekstcompressie”.

2. Wijzigingen in ISO-ondersteuning:

a) UDF-ondersteuning is bijgewerkt naar UDF-revisie 2.50. Hiermee is het mogelijk om de meeste ISO-bestanden met Blu-ray-materiaal uit te pakken;
b) bij het bladeren van een ISO-bestanden met UDF, wordt het UDF-revisienummer weergegeven achter de UDF-indelingsnaam in de WinRAR-adresbalk en in het dialoogvenster “Archiefinformatie”;
c) Bij het uitpakken van mappen stelt WinRAR de wijzigingsdatum van mappen in die opgeslagen zijn in UDF- en ISO9660-bestanden.

3. Wijzigingen in wachtwoorddialoogvensters:

a) WinRAR gebruikt nu hetzelfde soort wachtwoorddialoogvenster, zowel bij het inpakken als het uitpakken, dus de optie “Wachtwoord weergeven” zal nu ook aanwezig zijn bij het uitpakken;
b) De knop “Wachtwoorden indelen…” in het wachtwoorddialoogvenster biedt toegang tot een interface om uw wachtwoorden in te delen. Hierin kunt u uw vaakgebruikte wachtwoorden opgeven. Daarnaast hebt u toegang tot deze opgeslagen wachtwoorden met behulp van een uitvalmenu of de functie Auto-aanvullen in het wachtwoorddialoogvenster.
Het is belangrijk om te weten dat wachtwoorden onversleuteld worden opgeslagen en dat daarmee iedereen die toegang heeft tot uw computer de wachtwoorden kan zien. Gebruik de functie “Wachtwoorden indelen” alleen als uw computer beschermd is tegen ongeauthoriseerde toegang.
c) De optie “Gebruiken voor alle archieven” is aanwezig in het wachtwoorddialoogvenster bij het uitpakken van meerdere archieven tegelijk. U kunt het gebruiken om een ingevoerd wachtwoord toe te passen op alle archieven.
Als u deze optie gebruikt met een leeg wachtwoord, dan zal WinRAR alle versleutelde archieven overslaan.
d) In tegenstelling tot eerdere versies wordt het wachtwoord van het standaardcompressieprofiel niet gebruikt bij het uitpakken. Als u hetzelfde wachtwoord wilt gebruiken voor alle archieven die u uitpakt, druk dan op de knop “Wachtwoorden indelen…” in het dialoogvenster “Wachtwoord” en geef een nieuw wachtwoorditem op, waarbij u “*” gebruikt als bestandsfilter in het veld “Kiezen voor archieven”.
 

4. In Windows 7 zal WinRAR de voortgang van de actie die u uitvoert ook weergeven op het WinRAR-pictogram op de Windows-taakbalk. U kunt dit uitschakelen door middel van de optie “Voortgangsbalk in taakbalk” op het tabblad “Algemeen” van de WinRAR-instellingen.

5. Diverse verbeteringen met betrekking tot Unicode-ondersteuning maken het mogelijk om niet-Engelse bestandsnamen beter te verwerken. Een overzicht van een aantal van deze verbeteringen:

a) betere Unicode-verwerking in WinRAR bij de opdrachten “Naam wijzigen”, “Omzetten”, “Zoeken” en andere opdrachten, in het deelscherm Boomstructuur, in het wachtwoorddialoogvenster en in vele andere onderdelen van de WinRAR-interfaqce;
b) juist weergegeven Unicode-namen in WinRAR-items in de contextmenu’s van WinRAR.
c) Unicode-ondersteuning in .lng-bestanden, waarmee WinRAR-vertaling mogelijk wordt voor talen die volledig met Unicode werken.
6. Wijzigingen in de syntax voor de schakeloptie -x. Nu kunt u jokertekens gebruiken in het uitsluitfilter voor mappen. Zulke filters moeten eindigen op het ”-teken. Voorbeeld: -x*tmp* of -x*temp

7. Nieuwe optie “Relatieve paden uitpakken” op het tabblad “Uitgebreid” van het dialoogvenster “Uitpakpad en -opties”. Indien u bladert naar een submap in een archief in de WinRAR-shell en de optie “Relatieve paden uitpakken” staat ingeschakeld, dan zal het pad tot aan en inclusief de huidige submap verwijderd worden van de uitgepakte bestandspaden.
Bijvoorbeeld, als u binnen de archiefmap “ArchiefkopieMijnGegevens” staat en u pakt de map “Afbeeldingen” uit, dan zal deze uitgepakt worden als “Afbeeldingen” en niet als “ArchiefkopieMijnGegevensAfbeeldingen”.
Deze optie is de nieuwe standaardstand bij het uitpakken, maar u kunt deze terugzetten naar de WinRAR 3.x-stand. Kies hiervoor de optie “Volledige paden uitpakken” en klik dan op “Instellingen opslaan” op het tabblad “Algemeen” van het dialoogvenster “Uitpakpad en -opties”.

8. Windows 98, Me en NT worden niet meer ondersteund door WinRAR en de zelfuitpakkende modules van WinRAR. De minimumversie van Windows dat vereist is voor WinRAR, is Windows 2000.
Als u WinRAR wilt uitvoeren op oudere Windows-versies, dan kunt u oudere WinRAR-versies downloaden van ftp://ftp.rarlab.com/rar.

9. Als een .tar-, .tar.gz- of .tar.bz2-archief symbolische of harde links bevat en als het bestandssysteem waarnaartoe uitgepakt wordt NTFS is, dan zal WinRAR deze links aanmaken bij het uitpakken. WinRAR zal symbolische links uitpakken als symbolisch en harde links als hard in Windows Vista en nieuwer en onder oudere Windows-versies zullen alle links als hard worden gemaakt.
Indien het bestandssysteem waarnaartoe uitgepakt wordt FAT32 is of een andere bestandssysteem dat geen bestandslinks ondersteunt, dan zal WinRAR het aanmaken van links overslaan bij het uitpakken van .tar-, .tar.gz- en .tar.bz2-archieven.

10. Het verwerken van herstelvolumes kost minder schijfzoekhandelingen wat zorgt voor hogere prestaties.

11. U kunt de Windows 7-bibliotheek kiezen in de boomstructuur van het dialoogvenster “Uitpakpad en -opties” en WinRAR zal de standaardlocatie voor opslaan gebruiken als het doelpad.

12. De opdracht “Rapport” maakt het mogelijk om HTML-, Unicode-tekst en platte tekst te kiezen als uitvoerformaat van het rapportbestand. In tegenstelling tot eerdere WinRAR-versies behoudt WinRAR voortaan Unicode-tekens in rapporten wanneer gekozen is voor de HTML- of Unicode-tekstindeling. Dit betekent dat niet-Engelse tekens in bestandsnamen juist worden weergegeven in zulke rapporten.

13. Het overzicht met meldingen in grafische SFX-archieven geeft voortaan alleen de handelingsstatus en foutmeldingen weer. De namen van alle uitgepakte bestanden worden niet meer weergegeven. Deze wijziging verhoogt de snelheid en verlaagt de geheugeneisen voor SFX-archieven waarin een groot aantal bestanden opgeslagen zijn. Ook wordt het eenvoudiger om foutmeldingen terug te vinden omdat ze nu niet meer onopvallend staan tussen de namen van uitgepakte bestanden.

  14. Grafische SFX-archieven geven de knop “Uitpakken” weer in plaats van “Installeren” als er geen “Setup”- of “Presetup”-opdrachten aanwezig zijn in het archiefcommentaar. Als u de voorkeur geeft aan de knop “Installeren”, maar u hoeft geen installatieprogramma’s uit te voeren, dan kunt u de opdracht “Setup=<>”toevoegen.

15. WinRAR geeft het huidige percentage weer boven de voortgangsbalk van de handeling bij het herstellen van een archief dat een herstelrecord bevat en ook bij het verwerken van herstelvolumes.

16. WinRAR beperkt de maximale volumegrootte tot 4 GB min 1 byte bij het aanmaken van RAR-volumes op een schijf met een FAT- of FAT32-bestandssysteem wanneer deze in de stand staan voor automatische herkenning van de volumegrootte. Deze bestandssystemen ondersteunen geen bestanden van 4 GB of groter.

  17. Indien de optie “Wachten indien andere WinRAR-vensters actief zijn” is ingeschakeld en WinRAR wacht op een ander venster, dan kunt u op de knop “Doorgaan” drukken in het voortgangsvenster waarmee u afdwingt dat WinRAR stopt met wachten. Dit maakt het mogelijk om met de knop “Doorgaan” de staat van de optie “Wachten indien andere WinRAR-vensters actief zijn” uit te schakelen voor de huidige handeling.

18. WinRAR geeft voortaan nog maar een vraag om het wachtwoord in plaats van twee bij het opnieuw opslaan van een versleuteld bestand naar een RAR- of ZIP-archief nadat deze gewijzigd is in een extern programma. Eerdere WinRAR-versies vroegen normaalgesproken tweemaal om het wachtwoord, zowel bij het uitpakken van het oorspronkelijke bestand als bij het inpakken van de nieuwe versie van het bestand. Alleen RAR-archieven met versleutelde bestandsnamen werden voorheen verwerkt met eenmaal de vraag om het wachtwoord.

19. Nieuwe foutcode 10 (“Geen bestanden”) is toegevoegd aan het overzicht van foutcodes dat teruggegeven kan worden in opdrachtregelstand van RAR en WinRAR. Deze nieuwe code kan worden teruggegeven door de opdrachten Inpakken, Uitpakken, Verwijderen en Herstellen. Het betekent dat RAR geen bestanden heeft gevonden die voldoen aan de opgegeven bestandsnaam of archieffilter.

20. Het bestandsnaamgebied in het dialoogvenster Bestandsoverschrijving beslaat nu meerdere regels. Hiermee wordt het mogelijk om veel langere namen weer te geven.

21. De schakeloptie ‘-ep3′ converteert vanaf nu niet alleen schijfletters, maar ook UNC-paden. Dus de serversharenaam zal worden omgezet naar ‘__servershare’ bij het inpakken en wordt teruggezet naar de oorspronkelijke servershare bij het uitpakken met ‘-ep3′.

22. De opties voor het standaardcompressieprofiel wijzigen niet meer het uitpakgedrag en de optie “Inpakken op de achtergrond” werkt niet voor uitpakken. Daarom hebben we een losse optie “Uitpakken op de achtergrond” toegevoegd op het tabblad “Uitgebreid” van het uitpakdialoogvenster. U kunt de standaardstand van deze optie opslaan met de knop “Instellingen opslaan” op het tabblad “Algemeen” van het uitpakdialoogvenster, net als voor andere uitpakopties.

23.De knop “Stand…” in voortgangsvenster voor een handeling is nu ook ingeschakeld bij het uitpakken of testen van archieven. Het biedt toegang het dialoogvenster “Opdrachtparameters”, waar u de optie “Pc uitschakelen indien gereed” voor bij het uitpakken en testen kunt instellen.
Eerder was dit dialoogvenster alleen toegankelijk bij het inpakken.

24. Fouten opgelost:

a) bij het wijzigen van een bestandsnaam in een archief, dan gebeurde dit ook met alle andere bestanden met dezelfde naam maar dan in andere mappen van hetzelfde archief;
b) vorige versies gaven de verkeerde totale ingepakte grootte weer bij de opdracht “Info” voor multi-volume CAB-archieven;
c) bij ZIP-archief zorgden de opdrachten ‘U’ (Bijwerken) en ‘F’ (Vernieuwen) er foutief voor dat bestanden werden bijgewerkt die niet waren ingevoerd op de opdrachtregel. Dit gebeurde alleen voor bestanden in de huidige map met namen die voldeden aan namen in het ZIP-archief. Deze fout was niet aanwezig in de bekende inpakstand ‘A’ (Toevoegen).